Welke toekomst voor cultuurcentra in Vlaanderen?

Welke toekomst voor cultuurcentra in Vlaanderen?

Het is een geruststelling voor de centra dat er na de heroriëntering van de middelen geen kaalslag heeft plaatsgevonden: cultuurcentra blijven relevante instellingen, ook bekeken vanuit het lokale beleid. Velen doen het goed, en ook zonder “Vlaamse” aansturing is men er bezig met de toekomst.

Dat is ook nodig, want de wereld om ons heen verandert razendsnel. Rekto:verso wijdde een interessant artikel aan de veranderingen die zich voordoen aan de creatiekant van de podiumkunsten, en de manier waarop cultuurcentra daarop zouden kunnen inspelen. In de context van verschillende begeleidingstrajecten met cultuurcentra in Antwerpen, boog IDEA Consult zich ook over de veranderende publiekskant. Daar stelden we vast dat er onder de waterlijn van alles aan het broeden is.

In Antwerpen is de evolutie naar een “minority majority city”, die ook in andere centrumsteden opkomt, ondertussen sterk voelbaar: de bevolking wordt een lappendeken van kleine groepen met verschillende kenmerken en interesses. Minder dan 50% van de kinderen heeft er nog het Nederlands als thuistaal. De uitdaging is echter niet overal in Antwerpen even urgent: bv. in het district Wilrijk verandert de bevolkingssamenstelling relatief traag. Daar is veel duurzame bewoning en een groot aandeel (oudere) bewoners, vooral uit de hogere socio-demografische klassen – van oudsher een doelpubliek voor veel cultuurcentra. Daarentegen is Deurne Noord een aankomstwijk waar nieuwelingen zich voor korte tijd vestigen, waar mensen minder verbonden zijn als lokale gemeenschap en waar de veranderingen razendsnel gaan. Het typische “cultuurpubliek” wordt stilaan een kleinere groep in dat geheel. Als die verschuivingen voelbaar worden in de werking, dan rijst de vraag hoe je je hier als cultuurorganisatie toe verhoudt.

De Antwerpse cultuurcentra staan voor de uitdaging om na te denken over hun eigen positionering in het eigen district, de stad en het hinterland. Hoe kunnen ze vanuit hun eigen sterktes en mogelijkheden behouden wat goed is, en tegelijk zichzelf klaar maken om beter in te spelen op die veranderende omgeving? Ze onderzoeken of en hoe ze zich kunnen ontwikkelen tot verblijfs- en ontmoetingsplek met meerdere functies (“third place”), hoe ze bruggen kunnen slaan tussen diverse gemeenschappen en bevolkingsgroepen, hoe ze inclusiever kunnen werken, hoe ze met anderen kunnen samenwerken om een nieuw verhaal te schrijven, hoe ze de definitie van “cultuur” kunnen opentrekken om tot een betere match te komen met nieuwe bezoekers en deelnemers. Ze voelen dat ze de vinger aan de pols moeten houden van nieuwe cultuurvormen en spelers die van onderuit opkomen, en van wat kinderen en jongeren beroert – de cultuurparticipanten van morgen. Waar vroeger het accent in hun werking vooral lag op “cultuurspreiding”, wordt dit nu steeds meer een mix waarin ook talentontwikkeling, creatie en ontmoeting een rol spelen. Publiek en makers beginnen door elkaar te lopen en participatieve praktijken worden ingebed in de manier van werken. Cultuurcentra zijn vaak goed uitgerust om hierin een rol te spelen: ze beschikken over de ruimte, de ondersteuning en de netwerken om (nieuwe) “aanbieders” en (nieuwe) publieken bij elkaar te brengen. Al vraagt dit vaak wel een grote mentale omslag bij de medewerkers. Bovendien moet ook de politieke context meewillen, en moeten de verwachtingen van de lokale politiek en de middelen die tegenover die verwachtingen staan, in evenwicht zijn.

Praktijkvoorbeelden tonen aan dat zowel bij de kunst-, cultuur- als gemeenschapscentra nu écht fundamentele transities gebeuren waarvan de eerste tekenen al zo’n 15 jaar geleden zichtbaar begonnen te worden. Als meest diverse stad loopt Brussel daarin voorop. Niet alleen organisaties zoals de Brusselse gemeenschapscentra en Zinnema, maar ook kunstencentra zoals het Kaaitheater, KVS, de Beursschouwburg en AB onderzoeken hun veranderende rol in de Brusselse hyperdiversiteit (hier beperken we ons dan nog tot de door Vlaanderen gesubsidieerde huizen). De vraag is niet langer (alleen) wat ze concreet programmeren en communiceren en naar wie, maar (ook) hoe ze hun werking openstellen voor anderen. Het gaat over het delen van de macht, zonder zekerheid over wat er in de plaats zal komen. De rol van programmator verandert en verbreedt. Het worden projectmanagers, die soms eigen projecten programmeren maar ook co-creëren en co-programmeren met anderen. In die zin zijn de vroegere schotten tussen kunst-, cultuur- en gemeenschapscentra vandaag niet meer relevant. Er zijn meer overeenkomsten en verschillen tussen organisaties die al dan niet geconfronteerd worden met de invloed van de veranderende samenleving, en die daar al dan niet actief mee aan de slag gaan.

Om organisaties te helpen om die omslag te maken, worden door verschillende steunpunten en koepelorganisaties goede praktijken verzameld, tools aangereikt en infosessies gegeven over participatief en inclusief werken. Wil dat zeggen dat alle cultuurcentra en bij uitbreiding cultuurorganisaties heel hun werking in die richting moeten omgooien? Niet noodzakelijk. De veranderende context is voor elke organisatie immers verschillend. Een “one size fits all” oplossing is niet aan de orde. Maar elke organisatie doet er wel goed aan om actief op te volgen in welke richting en hoe snel de lokale context evolueert, niet alleen naar bevolkingssamenstelling, maar ook wat betreft het lokale culturele landschap, partnerschappen en politieke keuzes. Het is ook raadzaam om tijdig te beginnen experimenteren met nieuwe manieren van werken, om klaar te zijn voor de “brave new world” die we ons vandaag nog niet goed kunnen voorstellen, maar die hoe dan ook op ons afkomt. Participatief werken is daartoe een interessante manier van werken om nieuwe invalshoeken, methodes en inzichten mogelijk te maken.

©Schouwburg Noord

IDEA Consult respecteert de privacy van uw gegevens.
Waarom cookies? Ze worden gebruikt om de website en uw browserervaring te verbeteren. 
Klik op "Ik heb het begrepen" om cookies te accepteren of klik op meer informatie.

Ik heb het begrepen