Observatorium van het woningeigenaarschap 2015-2017

Observatorium van het woningeigenaarschap 2015-2017

IDEA Consult buigt zich al meer dan tien jaar lang over de problematiek van de residentiële markt en dit op twee niveaus. We krijgen van lokale, grootstedelijke of gewestelijke overheden geregeld de opdracht om de dynamiek van de lokale residentiële sector in kaart te brengen. Tot onze klanten behoren het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, Lille-Métropole, de regio Poitou-Charentes en enkele Belgische steden.

In 2018-2019 voerde IDEA Consult voor de vierde maal een update van het Observatorium van de verkoop uit, nu in het kader van een bredere studie, waarin de verschillende facetten van woningbezit worden geanalyseerd. De studie bestaat uit drie luiken, waarvan de laatste twee in samenwerking met Antea Group werden uitgevoerd:

  1. Observatorium van de verkoop van residentieel vastgoed 2015-2017
  2. Geografische analyse van de woningen, bewoond door eigenaars
  3. Steunmaatregelen voor toegang tot eigendom

De belangrijkste lessen die we uit de actualisering van het Observatorium van de verkoop voor de jaren 2015-2017 kunnen trekken, zijn als volgt samen te vatten:

  1. In het demografische kader merken we een voorzichtige ‘overspill’ van de groei naar de tweede kroon en de buitenwijken, een groeidynamiek die vooral endogeen en internationaal is. Er lijkt een kentering te zijn in de verjonging van Brussel met een stijging van de gemiddelde leeftijd.
  2. Wat het woningaanbod betreft, vertoont het Gewest een standvastige groei in het aantal woningen, waarbij slechts enkele gemeenten kampen met een tekort aan bijkomende woningen. De ‘verappartementisering’ deint verder uit, ook buiten de grenzen van het Gewest. De tweede kroon wordt meer en meer gevraagd in een nieuwbouwmarkt, die evenwel neigt te vertragen.
  3. Wat de vastgoedtransacties betreft, is de tendens in het Brussels Gewest globaal genomen nog steeds dalend, maar sinds 2017 lijkt er een herstel te zijn ingezet. De verkoop van eengezinswoningen is nu bijna een nichemarkt. Meer dan 3/4 van de verkochte goederen zijn appartementen. Verrassend is dat de gemeenten met verhoudingsgewijs de meeste transacties ook deze zijn met het grootste aandeel eigenaars-bewoners. Opbrengsteigendommen worden duidelijk minder vaak doorverkocht dan de eigen woning!
  4. Wat de prijzen betreft, zien we opnieuw een stijging, vooral voor eengezinswoningen. Slechts enkele slagen erin om eraan te ontsnappen. De hoogste druk laat zich voelen in de goedkoopste segmenten. Vanuit geografisch oogpunt stellen we een uitbreiding van het dure kwadrant van het zuidoosten naar het noordoosten vast, waarbij het westen van het Gewest nog steeds het meest betaalbare blijft.
  5. Wat de betaalbaarheid betreft, staat de prijsstijging in contrast met de nieuwe daling van het inkomensniveau in bepaalde delen van het Gewest. Vooral de Brusselse huizen blijven in het grootste deel van het Gewest buitensporig duur in vergelijking met de situatie aan de rand en in andere grote Belgische steden.
  6. Sommige ontwikkelingspolen beginnen een positieve dynamiek te vertonen in termen van inkomsten, die ten minste voor de appartementen weerspiegeld wordt in de prijsevolutie.

Het tweede deel van de studie was even leerrijk. Het bevestigt met name het aandeel van 40 % eigenaars-bewoners in het Brussels Gewest. Dit aandeel neemt af, met uitzondering van de meer betaalbare wijken in het westen en noorden van het Gewest. De parameters die een groter aandeel eigenaars-bewoners begunstigen, zijn een hogere gemiddelde leeftijd, een lagere gemiddelde bevolkingsdichtheid, een hoger inkomensniveau en een lager percentage buitenlanders (het inkomensniveau primeert op deze parameter). Daaruit volgt dat het percentage van eigenaars-bewoners geografisch gezien aanzienlijk hoger is in de wijken van de tweede kroon. In het centrum van het Gewest en in de wijken die rechtstreeks aan de eerste kroon grenzen, is de residentiële markt duidelijk meer gericht op verhuur.

Tot slot beoogde het derde deel van de studie de impact te kunnen evalueren van de steunmaatregelen voor de toegang tot eigendom: de kredieten van het Woningfonds, de Citydev-woningen en de CLTB-woningen. Deze hebben vooral effect in het westelijke deel van het BHG, waar vastgoed betaalbaarder is.

Klanten

  • Brusselse overheid

IDEA Consult respecteert de privacy van uw gegevens.
Waarom cookies? Ze worden gebruikt om de website en uw browserervaring te verbeteren. 
Klik op "Ik heb het begrepen" om cookies te accepteren of klik op meer informatie.

Ik heb het begrepen