Groeien naar een sterker partnerschap tussen Vlaanderen en haar steden

Groeien naar een sterker partnerschap tussen Vlaanderen en haar steden

Tijd voor een update

De vraag naar een ‘update’ van het Vlaams stedenbeleid wordt breed ondersteund, maar achter de vraag schuilen heel wat gevoeligheden en een bijzondere complexiteit. Sinds het Witboek ‘De eeuw van de stad’ (2003) is de context in de Vlaamse steden sterk veranderd: dertig jaar geleden zaten de steden in het verliezende kamp. Op vandaag is er groei en een sterker zelfbewustzijn. De stadsvernieuwingsprojecten die vanuit het Vlaams stedenbeleid worden ondersteund, hebben daar onmiskenbaar toe bijgedragen. De ‘urban age’ is evenwel niet enkel glitter. Achter de stedelijke façade blijft er een sterke concentratie van kansarmoede, mogen we spreken van een wooncrisis en andere maatschappelijke uitdagingen. Ook het inkomensniveau is de voorbije decennia significant gedaald.

Versterken van de stedelijkheid

Doorheen het traject zijn we sterk overtuigd geraakt van het belang en de meerwaarde van meer stedelijkheid. Het kan paradoxaal klinken - in het verstedelijkte Vlaanderen is er nood aan meer stedelijkheid – maar het pleidooi uit het Witboek van 2003 heeft weinig aan waarde ingeboet. Integendeel, de maatschappelijke context maakt stedelijkheid nog relevanter dan toen. Het komt immers dicht in de buurt van een ruime interpretatie van duurzaamheid, gevat in de duurzaamheidsdoelstellingen van de Verenigde Naties. Stedelijkheid staat voor kwalitatieve verdichting, voor diversiteit in de ruimste zin, voor ontmoeting en debat en bijgevolg de opbouw van democratie.

We zien positieve aanzetten rond ruimtelijke verdichting, samenwerkingen op stadsregionale schaal, etc, maar globaal gesproken is op vandaag het draagvlak voor een overtuigd en consequent stedenbeleid in Vlaanderen beperkt. De vraag stelt zich evenwel of we in de toekomst een andere keuze hebben dan het versterkt inzetten op de steden en op stedelijkheid als samenlevingsmodel? We zien verschillende argumenten om daar grondig over na te denken, zowel inhoudelijk (realisatie van de visie 2050), financieel (‘de kost van urban sprawl’) als bestuurlijk (Europese Urban Agenda).

Stedelijk beleid versus stedenbeleid

In het rapport wordt een belangrijk onderscheid gemaakt tussen het stedenbeleid sensu stricto (aangestuurd vanuit het Agentschap Binnenlands Bestuur) en het stedelijk beleid. Met dat laatste bedoelen we het reguliere beleid vanuit de verschillende Vlaamse departementen en agentschappen, met belangrijke impact naar de steden (mobiliteit, natuur en milieu, wonen, etc...). Precies in dat reguliere beleid zitten de belangrijkste hefbomen voor de steden. Een Vlaams stedenbeleid in zijn volle betekenis solliciteert alle geledingen van de Vlaamse overheid.

De agenda voor een vernieuwd stedenbeleid

Vanuit een micro-perspectief bestaat de stedelijke agenda uit het verderzetten van de inspanningen voor het verhogen van de levenskwaliteit. Dat is absoluut belangrijk, maar beleidsmaatregelen op de korte termijn, zullen na verloop van tijd ingehaald worden, als niet tegelijk wordt ingezet op een aantal structurele omslagen (of transities). Tijdens dit traject kwamen vijf inhoudelijke transversale transities zowel op vlak van mobiliteit, ruimte, samenleven, milieu als economie naar voor, die het voorwerp moeten zijn van een Vlaams stedelijk beleid. Deze transities tonen – niet verwonderlijk – veel verwantschap met de transities binnen de Vlaamse langetermijnvisie 2050.

Minder evident dan de wat-vraag is de hoe-vraag: hoe kunnen steden deze transities realiseren en hoe kan het Vlaams stedenbeleid daartoe bijdragen? Als we voortgang willen maken, moet de retoriek over de transities omgezet worden naar betekenisvolle stappen in verschillende beleidsdomeinen. Vandaar onze aanbeveling om de focus en het debat binnen het stedenbeleid de komende jaren praktisch te richten op de hoe-vraag. Twee concrete toepassingen daarvan zijn het uitklaren van zogenaamde stedelijke dilemma’s (het verenigingen van tegenstrijdige, maar legitieme belangen op eenzelfde plek) en de inzet van technologie. Naast het geven van impulsen, moeten tegenwerkende mechanismen afgebouwd worden om de transities en bijhorende agenda’s te realiseren. Goedbedoelde lokale experimenten rond circulaire economie stellen weinig voor, als er niet tegelijk een omslag wordt gemaakt in een aantrekkelijke fiscaliteit.

Stedelijke organisatie en innovatiekracht versterken

Al spreken we over een vernieuwd ‘Vlaams’ stedenbeleid, het succes hangt ook samen met een vernieuwde organisatie en aanpak binnen de stadsbesturen. Ondanks de progressie op vlak van bestuurskracht, zien we belangrijke verschillen in capaciteitsniveau tussen steden.

Los van deze vaststelling, moeten sowieso alle steden nog belangrijke stappen zetten in een aantal nieuwe bestuurlijke en maatschappelijke opgaven (nieuwe rollen, cocreatie, geïntegreerde oplossingen, nieuwe deskundigheid aantrekken op bepaalde domeinen). Het stedenbeleid mag en moet de steden daarin sterker uitdagen dan nu het geval is.

Doelgroep van een vernieuwd stedenbeleid

In de toekomst dient het stedenbeleid langs de ene kant (1) selectiever te blijven, met een expliciete focus op de groot- en centrumsteden én langs de andere kant dient het zijn doelgroep (2) te verbreden, waarbij vanuit een stadsregionale werking ook kleinere steden en randgemeenten betrokken worden. Een versterkte focus van het stedenbeleid naar de stad en haar omgeving, slaat de brug naar de verhoogde aandacht die we zien vanuit verschillende Vlaamse beleidsdomeinen voor een meer intergemeentelijke en regionale aanpak. Brussel verdient bijzondere aandacht. De invloedzone rond het Brusselse gewest strekt zich ver uit in Vlaanderen. Een toekomstig Vlaams stedenbeleid kan zich niet afzijdig houden van Brussel en impliceert ook een sterkere dialoog tussen het Vlaamse en het Brusselse Gewest.

Vernieuwd instrumentarium

De studie besteedt tot slot ook aandacht aan het instrumentarium en maakt daarin een onderscheid naargelang het gaat over het stedelijk beleid (interbestuurlijke samenwerking tussen de steden en de Vlaamse overheid als geheel) versus het stedenbeleid (ABB).

Voor het versterken van de interbestuurlijke samenwerking (stedelijk beleid) wordt het instrument stadsprogramma’s gepromoot, met verwijzing naar de City deals die ook in Nederland bestaan. Onder stadsprogramma’s verstaan we geïntegreerde programma’s waar de steden en de Vlaamse overheid samenwerken rond een maatschappelijke opgave/transitie. Gezien de beoogde transities transversaal van karakter zijn, veronderstellen ze zowel aan de kant van de stad, als van de Vlaamse overheid een samenwerking over diensten en departementen heen.

In de instrumentenkoffer van het specifieke stedenbeleid (ABB) onderscheiden we twee lagen:

  • Instrumenten gericht op de realisatie van de inhoudelijke transitie-agenda: stadsprogramma’s, stadsvernieuwingsprojecten en expertenpool. In elk van bovengenoemde instrumenten moeten uitgangspunten als schaaldifferentiatie, inzet van data en technologie en acapcity builing worden meegenomen;
  • Regie- en gangsmakersinstrumenten: innovatie stimuleren, kennisopbouw- en uitwisseling (documenteren goede praktijken), onderzoek en monitoring (o.a. stadsmonitor), community building, communicatie en branding. De community moet daarbij verruimd worden naar kleinere steden en private actoren.

Tot slot breekt IDEA ook een lans voor het visitatie-instrument, als middel om te groeien in de samenwerking tussen Vlaanderen en de steden. In het verleden werden ‘visitaties’ gebruikt als evaluatie-instrument in het kader van het Stedenfonds, vandaag zouden ze als leer- en hefboominstrument kunnen worden ingezet in het groeien naar een sterker partnerschap tussen Vlaanderen en haar steden.

Het volledige rapport kan u nalezen op de projectwebsite www.visiestedenbeleid.info.

arrow team members
foto Bart Van Herck
Bart Van Herck
Senior Expert Regionale & Stedelijke Ontwikkeling / Gedelegeerd Bestuurder

IDEA Consult respecteert de privacy van uw gegevens.
Waarom cookies? Ze worden gebruikt om de website en uw browserervaring te verbeteren. 
Klik op "Ik heb het begrepen" om cookies te accepteren of klik op meer informatie.

Ik heb het begrepen